NSW: Sydney en de Central Coast

NSW: Sydney en de Central Coast

De tijd vliegt als je van plan bent om een blogpost te schrijven! Voor je het weet ben je alweer twee weken verder. Vandaag is een goede dag om een stukje te schrijven, want… het regent! Heel Australië blij, al wordt er op het nieuws ook gewaarschuwd voor flash floods en mud slides. Het is ook nooit goed.

Mijn meest bekeken website van de afgelopen twee weken is die van de Rural Fire Service in New South Wales: waar zijn de branden, is het veilig waar we heen willen? Aan het begin van de maand waren er elke dag meer dan 130 actieve waarschuwingen, vandaag is dat aantal gezakt tot 80. Hopelijk daalt dat aantal nog verder vandaag en komen er geen nieuwe branden door blikseminslag bij.

We zitten inmiddels alweer op ons derde adres in NSW. De eerste week hebben we het noorden van Sydney leren kennen vanuit onze basis in Neutral Bay. Het is leuk om een tijdje in zo’n echte woonwijk te zitten, uit te vogelen waar de beste supermarkt zit, welke route naar het openbaar vervoer het minste hoogteverschil heeft, en wat zo’n beetje het dagritme van de buren is.

Nadat we het nieuwe jaar op gepaste wijze (met veel bubbels en vuurwerk) hadden ingeluid, was het op 2 januari tijd om een wandelingetje te maken over de Harbour Bridge, de stad in. Aan de voet van de brug blijkt inmiddels een leuk, zij het toeristisch, wijkje te zijn verschenen wat er tien jaar geleden toen we voor het laatst in Sydney waren echt nog niet was: the Rocks. Veel terrasjes, restaurants, winkeltjes en galeries. Daar dus lekker geluncht, en later op de middag met de veerboot naar huis. Is toch leuker dan de bus of metro. Ook handig: je hoeft geen aparte OV-kaart aan te schaffen, maar je kunt gewoon in- en uitchecken met een creditcard en dan wordt het verschuldigde bedrag automatisch afgeschreven. GVB, letten jullie op?

Omdat we nog nooit in de Taronga Zoo waren geweest, die heel leuk schijnt te zijn en we er nu dichtbij woonden, was dat de bestemming van de volgende dag. Niet onze alle slimste beslissing, want het was er hemeltergend druk. We hebben vooral heel veel Australische kindertjes gezien, maar uiteindelijk was het ook wel een leuke dierentuin.

De volgende dag zou het 37 graden worden en dankzij een tip van onze gastheren besloten wij om die dag een kustwandeling te maken: de Spit to Manly walk. Alweer zo’n briljant idee, want het was echt enorm heet en we vertrokken ook niet zo vroeg als we van plan waren geweest. De wandeling was wel fantastisch mooi, voerde over de rotsen, door bossen en parken en langs prachtige, verscholen strandjes. Manly Beach was natuurlijk superdruk, vooral met surfers, want de golven waren stevig. Wij zijn een eindje verderop gaan zwemmen, bij Shelly Beach. Dat is veel kleiner en daardoor nog drukker, maar het ligt in een hoekje en dus is het water er rustig en kun je er beter zwemmen. Ik had het badwater rond Lombok nog vers in mijn herinnering maar dat viel even tegen: met een graadje of 20, 22, voelde het zeewater hier gewoon KOUD aan. Wat deze dag wel goed uitkwam. Aan het eind van de dag zijn we met een snelle veerboot naar de stad gegaan, waar we op het zweterige terras  van The Rocks Cafe een hapje gegeten hebben voor we met de ferry weer naar ons eigen stekje gingen.

Newtown graffiti

Newtown graffiti

Zondag was het tijd om de binnenstad te verkennen, en wel de wijk Newtown. Dat is een redelijk vervallen stukje stad, maar wel heel hip(ster). Of het is een hip stukje stad dat echter wel vrij vervallen is. Het staat bekend om de vele grote graffiti tekeningen. Onder andere eentje van Martin Luther King, die ook bekend is omdat Coldplay er de video van Sky full of stars heeft opgenomen. Erg leuk om doorheen te wandelen. Toen we na een lange wandeling door o.a. King Street bij een koffietentje gingen checken hoe we van daaruit thuis zouden kunnen komen, bleek de bushalte met een rechtstreekse bus naar Neutral Bay recht voor de deur te zijn. Soms zit het mee…

 

Daarmee kwam er een einde aan ons inwonerschap van Neutral Bay. Op maandag pakten we een Ubertje naar ons nieuwe onderkomen, een Airbnb in Bondi Beach, op 500 meter van het strand. Wat een leuke wijk! Het strand is een prima surfstrand, de promenade oogt een beetje mweh en goedkoop, maar de straten daarachter zitten barstensvol leuke eettentjes en een geweldige supermarkt, de Harris Farmers market. Soort Marqt of Landmarkt, maar met nog veel uitgebreider assortiment.

Omdat we inmiddels wel in de smiezen hadden hoe mooi de kust van Sydney is, gingen we de volgende dag meteen de beroemde Bondi to Coogee wandeling maken. Hartstikke leuk, maar stiekem vonden we Spit to Manly allebei mooier. Deze wandeling was veel drukker, korter en iets makkelijker. Daarom hebben we ‘m ook maar weer andersom gedaan.

Na een rustig dagje met wat werk en een paar korte boodschappenwandelingetjes besloten we donderdag om de binnenstad weer in te gaan. We wilden graag even naar het Museum of Contemporary Art (we waren niet erg onder de indruk) en we moesten nog met de Lightrail (is gewoon een tram! Met een sexy naam) en vervolgens zijn we via Chinatown, de nieuwe Darling Harbour bibliotheek, Hyde Park en St. Mary’s Cathedral, naar de Botanic Gardens en de Opera gelopen, want die zijn beiden toch ook wel heel leuk om weer even van dichtbij te zien. De bus bracht ons weer terug naar Bondi.

Lady Bay Beach, Sydney Harbour National Park

Lady Bay Beach, Sydney Harbour National Park

Vanuit Bondi kun je langs de kust naar het zuiden lopen richting Coogee, maar ook naar het noorden richting Watson’s Bay en de Hornby Lighthouse. Dat werd het tripje van vrijdag. Het was weer een prachtige wandeling, met op sommige plekken echt enorm hoge rotsen. Daar stonden stevige hekken, was er camerabewaking en waren er heel veel informatieborden en zelfs telefoontoestellen voor mensen in geestelijke nood. Daaraan, en aan de kleine monumentjes die hier en daar bij de hekken geplaatst waren, konden we zien dat verschillende mensen ervoor gekozen hadden om van deze plek hun laatste uitzicht te maken. En soms gebeurt dat ook per ongeluk: twee dagen na onze wandeling is er een Britse toeriste, een Instagram-model, van de rotsen gekukeld nadat ze met vrienden over het hek was geklommen. Daar kan ik dan toch weer niet zoveel medelijden mee hebben, gevalletje Darwin-award als je het mij vraagt.

 

Zwembad, Icebergs Club, Bondi

Zwembad, Icebergs Club, Bondi

Omdat het een warme dag was, gingen we na onze wandeling afkoelen in het beroemde zoutwaterzwembad van Bondi, het Icebergs zwembad. Schijnt het meest ge-Instagramde zwembad ter wereld te zijn. Het ligt dan ook fantastisch tegen de rotsen en heeft een prachtig uitzicht op het strand. Ondertussen zwem je gewoon in zeewater, dat ook regelmatig over de randen heen spoelt als het vloed is, en dat is dus best koud. Voor het eerst deze trip hebben we wel weer een kilometer gezwommen!.

De volgende dag was het tijd om naar onze volgende HomeExchange bestemming te gaan: het huis van Sue en Ken in Green Point, zo’n 80 km ten noorden van Sydney. We worden hartelijk ontvangen, met veel tips, een zelfgekookte maaltijd die voor die avond in de koelkast voor ons klaarstaat, en koffie op het fantastische houten dek met uitzicht over het Brisbane Water – een enorme, grillig gevormde baai. Wat een leuke manier van reizen is dit toch!

Omdat we nu weer een auto hebben, besluiten we de volgende dag om daarmee de omgeving te gaan verkennen. Via het kleine plaatsje Hardy’s Bay en de strandplaats Terrigal rijden we naar ‘The Entrance’: een hele smalle doorgang van de zee naar Tuggerah Lake. We zien veel vissers en veel pelikanen tijdens onze wandeling langs de zuidpunt van The Entrance. Dat laatste is niet heel verwonderlijk, want de beesten worden elke middag om half vier gevoerd. Het is toch grappig om de enorme vogels te zien. Langs de kust rijden we door tot aan Newcastle. In eerste instantie vind ik het geen mooie plaats, maar op de terugweg rijden we door wat toch een best aardig oud centrum is.

Koala, Australian Reptile Park, NSW

Koala, Australian Reptile Park, NSW

Op de weg naar Green Point waren we al langs de borden – en een spuuglelijke grote gele dino – gereden met reclame voor het Australian Reptile Park. Daar moesten we natuurlijk naar toe! Het park is niet zo groot maar wel heel vriendelijk, en behalve reptielen hebben ze er ook aardig wat koala’s, en loslopende kangoeroes die je kunt aaien. Het was er een stuk minder druk dan in Taronga, waardoor we de dieren lekker van dichtbij konden bekijken. En we hadden mazzel, want de koala’s waren vrij actief. Zo hebben we niet alleen tot een bolletje opgekrulde slapende koala’s gezien, maar ook lopende, lekker knabbelende en zelfs springende. En nu weet ik het zeker: koala’s zijn schattiger dan panda’s. Helaas zijn ze ook vrij schaars. Na het park gingen we nog een stuk wandelen in het Strickland State Forest, en hoewel dat vol Eucalyptusbomen staat, hebben we precies nul koala’s gezien.

 

Nu zou je denken: koala’s spotten, daar heb je vast een app voor. Eentje die aangeeft waar er bij jou in de buurt onlangs nog wilde koala’s zijn gezien, zodat je daar heen kunt om ze te bekijken, want die beesten zijn niet erg mobiel. Is dus niet zo! Er zijn zat apps en websites van overheids- en non-profit organisaties die graag willen dat jij laat weten waar je een wilde koala gespot hebt, maar er is geen app die je kunt gebruiken om gericht op zoek te gaan naar koala’s. Vind ik persoonlijk een enorme gemiste kans. Erwin denkt dat het voor koala’s niet fijn is als ze veel bezoek krijgen dus dat je zo’n app niet moet maken. Zit ook weer iets in… toch wil ik deze reis per se nog een keer een wilde koala spotten. Nieuwe missie!

Dinsdag is mijn vaste werk- en Chineselesdag, dus zijn we vooral in de buurt van het huis gebleven. Wel hebben we in de middag de kayaks van Ken en Sue uitgeprobeerd in de baai. We hebben een mooi rondje gemaakt, al was het op de terugweg wel even aanpakken geblazen vanwege de harde tegenwind.

Peterson House wijngaard, Hunter Valley

Peterson House wijngaard, Hunter Valley

Green Point ligt een uurtje rijden ten zuiden van de Hunter Valley, een van de oudste wijngebieden van Australië. Het gebied staat vooral bekend om de Semillon- en Shirazwijnen die er vandaan komen. Woensdag werd dus wijndag. De meeste wineries in Hunter Valley zijn kleine familiebedrijfjes, en zien er heel anders uit dan de Franse kastelen of moderne, strak ontworpen wijnhuizen in Argentinië en Chili. Ze zien er namelijk uit als kleine lelijke boerderijtjes zoals alle huizen hier lelijk zijn. “Australisch design” is echt een contradictio in terminis, je ogen doen pijn als je de huizen in een gemiddelde straat bekijkt. Maar dat terzijde. Er zijn maar weinig wineries hier die wijn exporteren, de meesten verkopen niet eens buiten New South Wales. Alleen Tyrrell’s is een naam die we in Nederland nog wel eens zouden kunnen tegenkomen. Bij Hungerford Hill hadden we een ‘epic tasting’ geboekt bij wijze van lunch. Zes wijnen werden daar gekoppeld aan kleine hapjes, gemaakt in hun restaurant Muse. Heerlijk! De sparkling blanc de noir vooraf was erg lekker en de Hunter Valley Shiraz uit 2018 vonden we ook goed. Maar de spectaculairste combinatie was die bij het dessert: een Eton Mess-achtig toetje met kokos en rabarber(!), met de 2016 Riverina Botrytis Semillon. Briljant! De wijn bracht de smaak van de rabarber naar boven en was echt heerlijk bij het toetje.

 

We namen een andere weg terug dan de snelweg die we op de heenweg hadden genomen, eentje die kennelijk door kangoeroe country kwam. We zagen namelijk buitensporig veel platte kangoeroes langs de kant van de weg liggen. En we hebben er eentje gezien die nog huppelde. Ook voerde deze weg door gebieden die de afgelopen maanden ten prooi gevallen waren aan de vlammen. Heel vreemd: stukken bos met zwartgeblakerde bomen met bruine blaadjes nog aan hun takken. Heel random afgewisseld met stukjes bos die onaangetast leken, en stukken waar het vuur laag bij de grond wel schade had aangericht, maar waar de toppen van de bomen gewoon nog groen waren. Het vreemdste vond ik dat die verschillende stukken allemaal door elkaar heen lagen: alsof het vuur een heel grillig pad had gevolgd. Terwijl ik me altijd een grote, allesverzengende vlammenzee voorstel. Maar dat hoeft kennelijk niet altijd zo te zijn.

Kustwandelingen zijn hier mooi, weten we inmiddels, en dus gingen we de volgende dag een stukje van de Bouddi Coastal Walk lopen. Lekker rustig, ook weer mooi over rotsen, langs kliffen en door bossen, met aan het einde van onze wandeling een bijna leeg strand bij Maitland Bay. Na de wandeling zijn we via ‘de andere kant’ van Brisbane Water naar huis gereden.

Op onze laatste hele dag als Green Point bewoners zouden we eigenlijk met Ken en Sue gaan zeilen in Sydney. Na maanden van droogte stortregende het echter, en dat leek ons allemaal niet een geweldige situatie om het water op te gaan. Jammer! Had me leuk geleken om de prachtige kusten en de stad vanaf het water te bekijken. Enfin, nu is deze blogpost dus af. Elk nadeel heb z’n voordeel…

Over Miek

Een bericht

  • Thea

    Wat een leuke, actieve ervaringen hebben jullie weer opgedaan. Ga zo door!

Laat een bericht achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.