Start van onze derde wereldreis: de Pantanal

Start van onze derde wereldreis: de Pantanal

Kaaiman

Wanneer heet een wereldreis een wereldreis? Moet je dan de wereld rond? Of is het gewoon een reis die veel langer is dan de gemiddelde vakantie? Laten we het maar op dat laatste houden. Wij zijn in ieder geval weer aan een lange reis begonnen. Vierenhalve maand. Weer. En dat is best lang.

Het plan is om deze periode in Zuid-Amerika te verblijven. We gaan rondtrekken door Brazilië, Paraguay en Argentinië. Waarschijnlijk pakken we dan ook nog een stukje Chili mee. We waren hier al tijdens onze eerste wereldreis maar we kwamen er toen vrij snel achter dat het continent te groot is om in een keer allemaal te bekijken. Tijd om weer eens terug te gaan dus.

We zijn drie dagen geleden via São Paulo in de Pantanal aangekomen. De Pantanal is het grootste tropische wetland gebied ter wereld. Het is ergens tussen  de 140 en 195 duizend vierkante kilometer groot en staat bekend om de prachtige natuur en de grote hoeveelheid wild. Het voldoet hieraan in meerdere opzichten: ook al hebben we de eerste dagen mazzel gehad met het weer, het is erg nat. Veel water betekent veel beestjes. En dat zie je. In amper twee dagen hebben we al erg veel gezien: kaaimannen, hertjes, otters, slangen, aapjes, een ocelot en veel, heel veel vogels. Van pygmee ijsvogels tot reuze ooievaars. En alles wat er tussenin zit. In alle soorten en maten en de mafste kleuren. Je struikelt hier bijna letterlijk over de capibara’s. Dat zijn een soort reuze cavia’s, formaat varkentje, die in groepjes, hele families met jonkies, al knabbelend voorbij trekken. 

Ocelot

We zijn neergestreken in een fazenda middenin (het noordelijk deel van) de Pantanal. Je hebt hier echt het gevoel dat je in de middle of nowhere zit. Het ligt een eind van de doorgaande, niet verharde, weg en er is niks anders te doen dan om je heen kijken en genieten van de rust en de natuur. En dan valt de tegenstelling met onze eigen woonomgeving enorm op: er is hier geen drukte, geen verkeer. Je hoort alleen de geluiden van de vele vogels. De dieren gaan lekker hun eigen gang en trekken zich weinig aan van die paar mensen die er ook toevallig zijn. Je zou haast denken dat er sprake is van een vreedzame coëxistentie. Daar kunnen wij in de westerse wereld nog wat van leren. Maar hier geldt ook: eten of gegeten worden.

Wild spotten doe je gewoon onderweg vanuit de auto. Spannender wordt het vanuit een boot op de rivier. Minder comfortabel is vanaf een paard. Je krijgt dan wel een goede indruk van hoe nat en uitgestrekt het gebied is. Je krijgt er wel een houten kont van.

Kite

Alleen die jaguar. We weten dat hij ergens in de buurt rond sluipt. We hebben z’n pootafdrukken gezien en hij is gisteravond nog vlakbij gespot. Zouden we ‘m nog te zien krijgen?

Over Erwin

Laat een bericht achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.